Perfectionisme door een ACT-bril

Het spel dat je nooit kunt winnen

Misschien herken je het. Je werkt hard, je let op de details, je wilt het goed doen. Mensen om je heen noemen je betrouwbaar, gedreven, iemand op wie je kunt bouwen. En toch is er iets dat knaagt: de lat ligt altijd nét iets hoger dan je kunt springen. Als iets lukt, verschuift de lat. Als iets mislukt, weet je stem in je hoofd je precies te vertellen wat dat over jou zegt.
Perfectionisme voelt zelden als een probleem. Het voelt als een kwaliteit, en dat is het vaak ook. De vraag is niet of je hoge standaarden mag hebben. De vraag is: wie bepaalt er eigenlijk wat je doet: jij, of je perfectionisme?

Een spel met maar één uitkomst

In hun boek The Anxious Perfectionist beschrijven ACT-onderzoekers Clarissa Ong en Michael Twohig perfectionisme als een spel. De regels lijken simpel: presteer foutloos, dan volgt de beloning; erkenning, rust, het gevoel eindelijk goed genoeg te zijn. Dus je speelt mee. Je controleert je e-mail drie keer voor je hem verstuurt. Je zegt ja terwijl je agenda nee zegt. Je stelt die ene taak uit, want als je hem niet perfect kunt doen, kun je er beter nog niet aan beginnen.
Vechten en vermijden lijken tegenpolen, maar het zijn twee zetten in hetzelfde spel. En het vervelende van dit spel: winnen bestaat niet. Het gevoel van ‘goed genoeg’ dat je najaagt, komt niet aan de finish. Want zodra je ergens bent, verschuift de finish.

Wat betaal je – en wat krijg je ervoor terug?

ACT stelt bij vastzittend gedrag altijd dezelfde nuchtere vraag: werkt het? Niet in theorie, maar in jouw geleefde ervaring. Perfectionisme is een transactie. Je betaalt met slaap, met avonden achter je laptop, met aanwezigheid bij de mensen die belangrijk voor je zijn, met mildheid voor jezelf. Wat je terugkrijgt is meestal kortdurende opluchting en de garantie dat het spel morgen gewoon verdergaat.
Dat is geen verwijt. Je speelt dit spel niet omdat je zwak bent, maar omdat het je ooit iets opleverde. Perfectionisme is in ACT-termen geen vijand maar een beschermer: een deel van jou dat je wil behoeden voor afwijzing, voor fouten, voor het gevoel tekort te schieten. Het bedoelt het goed. Het is alleen wat doorgeschoten in zijn taak.

Een andere verhouding, geen amputatie

Het goede nieuws: je hoeft je perfectionisme niet weg te doen. Dat lukt ook niet en het hoeft ook niet, want je gedrevenheid en oog voor kwaliteit zijn waardevol. Waar het om gaat is de verhouding. Je kunt de stem van perfectionisme leren horen als wat hij is: een stem. Een goedbedoelde adviseur op de achterbank, niet de bestuurder.
Dat begint met zien. Zolang de regels van het spel onzichtbaar zijn (‘het moet foutloos’, ‘anders vinden ze me niks’), bepalen ze je gedrag zonder dat je het merkt. Zodra je ze op tafel legt, ontstaat er keuzeruimte: doe ik wat mijn perfectionisme zegt, of doe ik wat er voor mij werkelijk toe doet, ook als dat betekent dat ik iets onaf, imperfect en menselijk de wereld in stuur?

Zelf aan de slag

Bij deze blog hoort een werkblad waarmee je jouw eigen spel van perfectionisme in kaart brengt: wat het je kost, wat het je oplevert, welke strategieën je al hebt geprobeerd en wat er mogelijk wordt als jij weer aan het stuur zit. Geen quick fix, wel een eerlijke eerste stap. Je downloadt het hieronder.

Geïnspireerd op: Ong, C.W. & Twohig, M.P. (2022). The Anxious Perfectionist. New Harbinger Publications.

Scroll naar boven